Federale investering van 4,7 miljoen euro in eerstelijnspsychologische zorg

De Staten-Generaal Geestelijke Gezondheid verwelkomt de beslissing van federaal minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) om 4,7 miljoen euro extra te investeren in eerstelijnspsychologische zorg. Het grootste deel gaat naar preventie en vroege ondersteuning, zodat mensen sneller psychologische hulp krijgen en langdurige uitval wordt voorkomen.

Wat houdt de investering in?

De investering kadert in de vierde golf maatregelen van het federale Terug naar Werk-beleid, dat langdurig zieken terug naar de werkvloer moet begeleiden. Een van de prioriteiten daarin is het voorkomen van instroom in langdurige arbeidsongeschiktheid via preventie en vroegtijdige detectie.

Van de 4,7 miljoen euro gaat 3,2 miljoen naar de geestelijke gezondheidsnetwerken, zodat meer eerstelijnspsychologische sessies kunnen worden georganiseerd. De minister voerde in 2021 al een hervorming door waardoor mensen laagdrempeliger een beroep kunnen doen op die zorg. Meer dan 600.000 mensen maakten er intussen gebruik van. Zes maanden na de start van een gemiddeld traject van zes sessies werd een daling van het absenteïsme met 41 procent vastgesteld, van vijf naar twee dagen per maand.

De overige 1,5 miljoen euro is gericht op werkzoekenden, via een meer aanklampende begeleiding en psychologische ondersteuning op plaatsen waar mensen actief naar werk worden begeleid, zoals werkwinkels, arbeidsbemiddelingsdiensten en ziekenfondsen.

Investeren in geestelijke gezondheid loont

Voor de Staten-Generaal Geestelijke Gezondheid sluit deze beslissing aan bij een duidelijke overtuiging: investeren in geestelijke gezondheid loont voor de samenleving. Wie sneller psychologische hulp krijgt, vermijdt vaak dat problemen escaleren, ook met langdurige uitval uit werk of samenleving tot gevolg. Onderzoek toont dat tijdige psychologische ondersteuning het absenteïsme sterk kan verminderen en het dagelijks functioneren verbetert. Wie vandaag sneller geholpen wordt, vermijdt morgen vaak zwaardere zorg én hogere kosten.

Beleid over de schotten heen

Opvallend is dat deze federale maatregel sterk inzet op preventie en vroege ondersteuning, domeinen die in ons staatsbestel vooral tot de regionale gezondheidsbevoegdheden behoren. Dat een federale minister hier vandaag extra stappen zet, onderstreept hoe groot de nood is. Het toont ook aan dat beleid maken over de schotten heen wel degelijk mogelijk is, iets waar deze gefragmenteerde sector heel veel behoefte aan heeft.

Daarom blijft de Staten-Generaal Geestelijke Gezondheid pleiten voor verdere en structurele investeringen in een domein dat al te lang onder druk staat.